Misschien ben ik wel minder introvert dan ik dacht?
Toen ik ontdekte dat ik AuDHD heb, vielen er veel (zoniet alle) puzzelstukjes op hun plaats. Sommige dingen begreep ik ineens veel beter, maar andere dingen werden net een beetje ingewikkelder. Hoe meer ik mezelf leer kennen, hoe meer ik merk dat sommige overtuigingen die ik jaren over mezelf heb gehad toch niet helemaal juist zijn. Of niet meer alleszins. Een van die overtuigingen was dat ik 100% een hardcore diehard-introvert ben.
Dat was voor mij altijd een vaststaand feit. “Ik ben een introvert, ik heb rust nodig.” Alleen zijn gaf mij energie en ik bleef liever thuis dan dat ik naar een feestje of eigenlijk gelijk wat voor situatie ging waar ook maar ietwat extra mensen bij kwamen kijken. Afgezegde plannen voelden als een onverwacht cadeautje en sociale activiteiten kostten energie die ik vaak niet had of waarvan ik lang weer moest opladen.
Dus ja, introvert. Duidelijk. Toch?
En toch, eh. Ik ben de laatste tijd iets verrassends aan ’t ontdekken. Ik krijg ook wel energie van mensen. Shocking, I know. Niet van iedereen en ook niet altijd of in elke context, maar wel van bepaalde gesprekken, vrienden, collega’s. Een avond op café, of samen gaan eten. Een goed gesprek waarin ik helemaal mezelf kan zijn. Het valt mij op dat ik daar vaak niet leeg van terugkom, maar net opgeladen, en dat voelt eerlijk gezegd een beetje vreemd.
Ik heb altijd een duidelijk beeld van mezelf gehad (op een paar existentiële crisissen na). Ik was iemand die liever thuiszat dan buitenkwam. Iemand die sociale activiteiten vooral verdroeg of onderging omdat ze er nu eenmaal bijhoorden. Iemand die gelukkig was in haar eigen bubbel. Misschien ben ik wel veranderd, of misschien niet en zat het er altijd al, maar die bubbel blijkt nu precies wel groter te zijn dan ik altijd dacht.
Ik weet niet of andere mensen met AuDHD dit herkennen, maar ik had heel erg de neiging om tegenstrijdigheden te willen oplossen. Ik wil rust, dus ik dacht dat ik iemand was die altijd rust nodig had. Ik hou van structuur, dus ik dacht dat spontaniteit mijn grootste vijand was. Ik raak snel overprikkeld, dus ik dacht dat ik zoveel mogelijk drukte, lawaai en mensen moest vermijden.
En nu, op mijn gezegende leeftijd van 35 jaar, ontdek ik dat de realiteit veel rommeliger is.
Mijn autisme verlangt naar voorspelbaarheid, stilte en veiligheid. Mijn ADHD verlangt naar nieuwe ervaringen, spontane ideeën, mensen, beweging en prikkels.
Jarenlang dacht ik gewoon dat ik een introvert was en nu ontdek ik dat er ook een dieper laagje is en voelde het een tijdje alsof die twee delen constant ruzie aan ’t maken waren. Ik moest van mezelf kiezen wat ik écht was: een introvert of een extravert. Thuisblijver of sociaal dier.
Gewoon een mengelmoesje
De grootste ontdekking van de afgelopen maanden is misschien ook niet per se dat ik socialer ben dan ik altijd dacht, maar gewoon dat ik niet moet kiezen. Ik mag iemand zijn die héél graag alleen is, maar ook graag mensen wil zien. Ik mag iemand zijn die stilte nodig heeft en ook constant luide muziek in haar oren wil. Ik mag iemand zijn die gelukkig wordt van een lege agenda en iemand die zonder spontane weekendplannen een klein beetje gek wordt. Ik mag iemand zijn die overprikkeld raakt in een situatie en soms in net dezelfde situatie wel energie krijgt.
Dat voelt eigenlijk best wel bevrijdend, want als je een groot deel van je leven denkt dat je een bepaald type mens bent, begin je daar onbewust ook naar te leven. Je legt jezelf beperkingen op die misschien ooit wel heel logisch waren, maar die vandaag de dag niet noodzakelijk nog kloppen.
Ik merk dat ik mezelf vroeger soms al op voorhand afremde omdat ik dacht dat ik moe ging worden van dingen en dat het allemaal niets voor mij was. En nu ga ik soms toch en blijkt het vaak gewoon leuk te zijn.
Meer ruimte
Het heeft waarschijnlijk ook gewoon met mijn huidige levensfase te maken. Ik ben 35, mijn kind is weer wat ouder, er is precies meer ruimte in mijn leven dan enkele jaren geleden. Een beetje meer vrijheid en meer mentale capaciteit om zelf plannen te maken in plaats van voortdurend bezig te zijn met zorgen en organiseren en opladen.
En daardoor ontdek ik nu kantjes van mezelf die er wel altijd al waren, maar die weinig plaats kregen. Of misschien ben ik ook gewoon wél veranderd, dat kan ook.
Mijn persoonlijkheid is ook totaal niet in steen gebeiteld. Alsof de persoon die ik op mijn twintigste was exact dezelfde moet zijn als op mijn vijfendertigste, veertigste of vijftigste. Mensen veranderen voortdurend, we leren bij, we groeien, doen nieuwe ervaringen op, onze omstandigheden veranderen. Waarom zouden we dan zelf exact hetzelfde blijven?
De juiste mensen maken een verschil
Er is nog een mogelijkheid waar ik de laatste tijd vaak aan denk. Ik krijg niet plots meer energie van sociale contacten, maar ik heb misschien gewoon meer mensen rondom mij verzameld die écht bij mij passen.
Vroeger voelde sociaal contact vaak aan als iets waarbij ik een toneeltje moest opvoeren. Ik probeerde dan “normaal” te doen, de juiste dingen te zeggen, de juiste reacties te geven, mee te zijn met de dingen die voor andere mensen vanzelfsprekend leken. Ik had best wel vaak een masker op en dat kostte veel energie, zelfs al deed ik het helemaal niet bewust.
Nu merk ik dat veel van de mensen in mijn leven mij gewoon nemen zoals ik ben. En oké, ja, ik ben wel vaak onzeker en vraag mij achteraf regelmatig af of ik wel leuk genoeg ben, niet te saai, grappig, interessant. Maar dat ligt eerder aan mij dan aan mijn vrienden. Want het is wel zo dat ik bij hen niet constant moet maskeren of na aan het denken ben wat ik moet zeggen of doen. Ik heb niet het gevoel dat ik mezelf moet bewijzen en dat maakt wel een enorm verschil.
Het verschil tussen een avond waarin je jezelf constant moet aanpassen en een avond waarin je gewoon jezelf mag zijn, is echt gi-gan-tisch. Het zijn allebei sociale activiteiten, maar ze voelen als twee totaal verschillende dingen. Dat is waarschijnlijk ook een deel van wat ik nu ontdek: ik ben niet plots socialer geworden, maar ik ben beter in het herkennen van mensen bij wie ik mij veilig en op mijn gemak voel. En dan is het logischerwijs helemaal niet zo vreemd dat contact met die mensen energie geeft in plaats van energie kost.
Een nieuw kamertje
Nieuwe dingen leren vind ik leuk, maar ook moeilijk, want ik wil het direct helemaal goed doen en als je iets nieuws leert, is de kans eerder klein dat het meteen helemaal goed gaat. Mezelf leren kennen is nu net iets wat ik niet één keer doe en dan voor de rest van mijn leven weet. Of misschien is dat bij andere mensen wel zo en denk ik te veel na over alles? Dat kan ook, haha. Alleszins is mezelf leren kennen een van de dingen die ik en moeilijk en leuk vind.
Moeilijk omdat ik niet altijd weer dingen wil uitvogelen, maar leuk omdat het gewoon interessant en tof en cool is om je blik te verruimen. En dat vind ik wel mooi ook aan die ontdekking nu. Het voelt eigenlijk niet alsof ik een fout beeld had over mezelf, maar eerder alsof ik een soort van nieuw kamertje heb ontdekt in mijn huis. Dat is daar niet ineens op magische wijze ontstaan, maar ik had er gewoon nooit de deur van geopend en nu ik dat wel heb gedaan, zie ik dat het daar eigenlijk wel leuk vertoeven is.
Dus ja, ik ben misschien eerder een ambivert. En iemand met AuDHD. En een beetje tegenstrijdig en chaotisch. Een mengelmoesje.
⟡˙⋆
Heb je geen zin om een comment achter te laten, maar wil je wel je waardering tonen?
Klik op het hartje hieronder!







Mooi hoe je jezelf op je 35e dan opeens toch een stuk beter leert kennen! (Ik wilde net ‘een pak beter’ typen – ik kijk te veel Vlaamse tv lately – maar dat voelt toch een beetje raar als Nederlander, alsof ik een rare imitatie doe die niet helemaal bij mezelf past, haha). Ik denk wel dat het een misvatting is dat introverten alleentijd altijd verkiezen boven iets sociaals, want uiteindelijk zijn we allemaal ergens wel sociale wezens, als mensen.
Wat een mooie ontdekking! Je verandert ook gewoon als mens. En in de tropenjaren van een klein kind, snap ik heel goed dat dat genoeg prikkels zijn om te verwerken. Dus zo gek vind ik het niet dat je nu (misschien wel letterlijk) meer lucht hebt gekregen om jezelf te (her)ontdekken.
Mooie en pure post. Helemaal jou!
Gewoon voelen waar je op dat moment nood aan hebt is ok, hoe je het ook benoemt.
Leuk hoe je het omschreven hebt van dat nieuwe kamertje…
Ik heb lang totaal niet geweten dat ik introvert was. Want tijdens pakweg mijn studententijd had ik veel tijd om te rusten en al was er veel sociaal contact, dat ging moeiteloos. Maar dan kwam werken en pendelen erbij en dat was toch een ander paar mouwen. Bij mij gaat het vooral om doseren van energie. Er zijn periodes waarin ik op mijn tandvlees zit en dan gaat alles moeilijk, maar er zijn periodes waarin ik genoeg energie heb en dan heb ik ook veel zin in sociaal contact. Nog meer dan introvert, ben ik hoogsensitief en dat was het puzzelstukje dat lang ontbrak. Nu snap ik mezelf veel beter. En het is absoluut waar, mensen waarbij je je niet veilig voelt of waarbij je een masker moet opzetten, die zuigen energie!
Mooie post! Ik ben zelf ook zeker van mijn neurodiversiteit maar plak er zelf geen label op (wrs meer autisme) en ik herken me ook wel in het feit dat het ene niet het andere hoeft uit te sluiten, das denk ik exact de reden dat ik er geen label wil opplakken omdat mensen dan de vooroordelen die er rond hangt op je gaan plakken ofzo.
Wat een geweldige foto!
Hoewel ik geen AuDHD heb, toch herkenbaar bepaalde stukken! Ik zou mezelf ook zeker als introvert omschrijven, en ik breng ook graag tijd alleen door en heb dat nodig, maar tegelijkertijd vind ik sociaal contact heel belangrijk? Ik kan echt genieten van een avond uit met vrienden of naar een festival, maar tegelijkertijd houd ik op andere momenten dan weer niet van drukte en lawaai, haha. Altijd zoeken naar balans 🙂
Het stukje onder de kop ‘gewoon een mengelmoesje’ vind ik zó mooi. Kan me voorstellen dat het soms best even zoeken is naar een soort balans, omdat je zowel die rust als die drukte nodig hebt. Heel erg mooi omschreven in deze blog!